De polikliniek Hematologie van het UMCG is te vinden aan Fonteinstraat 17 op de begane grond. Er is een polikliniek 'algemene hematologie' en een specifieke 'stollingspolikliniek' voor patiënten met een verdenking op bloedings- of stollingsstoornissen. In deze grote polikliniekruimte houden vele specialisten spreekuur, van de afdeling Hematologie maar ook van veel andere afdelingen.
Patiënten die de polikliniek bezoeken, kunnen voor de eerste keer komen of voor een vervolgbezoek.
Voorafgaand aan het eerste bezoek is er meestal al overleg geweest met een van de hematologen. Veel patiënten worden doorverwezen door specialisten van andere ziekenhuizen of van andere afdelingen van het UMCG. Soms worden patiënten rechtstreeks door de huisarts verwezen.
Vaak is er al een aantal onderzoeken gedaan en is er ook al een vermoeden van een bepaalde ziekte uitgesproken. Het kan ook zijn dat een patiënt al een aantal jaren behandeld is in een ander ziekenhuis, maar voor advies of voor overname van de behandeling naar de afdeling Hematologie van het UMCG wordt verwezen. Waar mogelijk wordt gebruikgemaakt van de gegevens van onderzoeken die al gedaan zijn, maar vaak zullen onderzoeken herhaald moeten worden, omdat ons ziekenhuis als gespecialiseerd universitair centrum nu eenmaal over veel meer technieken beschikt dan de verwijzende ziekenhuizen.
Patiënten die voor de eerste keer komen, moeten zich aan de balie inschrijven. Het is belangrijk dat zij verzekeringspapieren en een legitimatiebewijs bij zich hebben en eventueel een verwijsbrief, als deze niet al opgestuurd is. De hematoloog moet goed geïnformeerd zijn over de medische voorgeschiedenis (vroegere operaties en ernstige ziekten) en het gebruik van medicamenten. Het is handig als deze gegevens vast op een lijstje staan.
Bij de meeste patiënten wordt – zelfs voordat ze door de hematoloog gezien zijn – alvast bloed afgenomen, waarvan een deel met spoed bepaald wordt door het laboratorium. Dit betekent wel dat een patiënt wat langer moet wachten voordat deze binnen geroepen wordt (het prikken en het wachten op de uitslag duurt een half uur tot een uur). Het grote voordeel is echter dat dan meteen bekend is hoe het er nu met het bloed voorstaat en of er snel actie ondernomen moet worden.
Patiënten voor de polikliniek Hematologie delen de wachtkamer met patiënten van vele andere specialisten. Het is daarom goed mogelijk dat patiënten die later binnenkomen eerder binnen geroepen worden.
Vanzelfsprekend mag in de wachtkamer niet gerookt worden en mag er geen alcohol genuttigd worden.
Als de uitslagen bekend zijn, wordt de patiënt door de hematoloog uitgenodigd om binnen te komen. Soms wordt de hematoloog vergezeld door een co-assistent (student geneeskunde) of een andere stagiair. Niet alleen artsen, maar ook verpleegkundigen, een nurse practitioner en een transplantatiecoördinator zien patiënten die specifieke voorlichting of controles vereisen. De afdeling streeft ernaar dat een patiënt steeds door dezelfde hematoloog gezien wordt, hoewel dit natuurlijk niet altijd lukt. Moet een patiënt vervolgens opgenomen worden, dan is de organisatie anders: op de afdeling is per toerbeurt een van de stafleden Hematologie eindverantwoordelijk voor het beleid en draagt de polikliniekhematoloog als het ware de medische verantwoordelijkheid tijdelijk over. Natuurlijk blijft deze wel nauw betrokken bij de patiënt.
Bij het eerste bezoek wordt getracht een goed beeld te krijgen van de klachten en de overige lichamelijke gesteldheid van de patiënt. Vaak is zo'n eerste kennismaking erg belangrijk en wordt er al veel besproken. Het is verstandig om als patiënt een partner, familielid of andere vertrouwenspersoon mee te nemen die mee kan luisteren. Meestal worden aanvullende onderzoeken ingepland om een beter beeld te krijgen van het ziektebeeld en de conditie van de patiënt, zodat een goed behandelplan gemaakt kan worden.
Na het polikliniekbezoek wordt vrijwel steeds een vervolgafspraak gemaakt en worden eventuele vereiste onderzoeken ingepland. De organisatie hiervan ligt bij de medewerkers van de medische administratie achter de balie.
Na het eerste bezoek zijn soms de definitieve diagnose en het behandelplan al bekend en kunnen deze worden besproken. Veel vaker komt het echter voor dat aanvullende onderzoeken nodig zijn voordat het definitieve beleid kan worden besproken. Meestal wordt daarom een vervolgafspraak gemaakt. Ook tijdens de controles later komt het voor dat men moet wachten op uitslagen voordat het verdere beleid kan worden gepland. Wachten op uitslagen is moeilijk. Er zijn verscheidene oplossingen en elke arts heeft zijn eigen voorkeur. Patiënten kunnen met de arts bellen, maar dat kost beiden veel tijd: de patiënt moet lang wachten voordat deze wordt doorverbonden en de arts wordt gestoord en heeft de uitslagen meestal niet bij de hand. Beter is om gebruik te maken van een zogenaamd telefonisch spreekuur; patiënten worden dan op een van tevoren afgesproken tijdstip (meestal in aansluiting op het bestaande spreekuur) gebeld door de eigen arts. Contact via e-mail kan ook, maar is niet altijd gewenst en lang niet iedereen beschikt over die mogelijkheid.
Elke hematoloog op de afdeling heeft een of twee maal per week spreekuur op een vast tijdstip. De andere dagen zijn gevuld met vele andere taken, zoals zorg voor de afdeling, onderzoek of onderwijs. De polikliniekkamers zijn dus ook niet van de hematologen zelf en worden elke dag weer door andere artsen gebruikt. Wanneer een patiënt tussendoor moet komen, is het daarom meestal niet mogelijk om door de eigen arts gezien te worden, omdat deze dan niet beschikbaar is. Elke dag houdt een van de hematologen spreekuur, dus er is wel elke dag een mogelijkheid om een arts te spreken. Het is echter nooit mogelijk om zonder afspraak gezien te worden; er moet altijd van tevoren telefonisch overleg geweest zijn, zodat ook het patiëntendossier uit het archief opgezocht kan worden.
Als het om een spoedprobleem gaat, is het overigens vaak beter om gezien te worden op de afdeling Eerste hulp (de CSO), omdat daar veel spoedartsen werken en veel meer middelen en apparatuur voorradig zijn, zoals medicijnen, infuusbehandeling, röntgenapparatuur en dergelijke. Als de verwachting is dat een opname nodig zal zijn, zal dit ook via de afdeling Eerste hulp geregeld moeten worden. Regelmatig zal een patiënt die belt dan ook het advies krijgen zich daar te melden.
Opname en/of behandeling op de afdeling Hematologie kan voor patiënten grote gevolgen hebben op psychosociaal en emotioneel vlak. Er kunnen onzekerheden en spanningen optreden, maar ook angst en verdriet. De ziekte kan vragen oproepen over het eigen functioneren, relaties, gezin, werk, studie of over andere gevolgen van het ziek zijn.
Problemen die zich kunnen voordoen tijdens ziekte, behandeling en/of opname zijn:
Met problemen die samenhangen met ziekte en/of behandeling in het UMCG kunnen patiënten terecht bij de medisch maatschappelijk werker. Gesprekken zijn mogelijk tijdens een opname of een poliklinische behandeling. Ook na beëindiging van de opname of behandeling zijn gesprekken mogelijk.
Patiënten kunnen zelf contact opnemen met de maatschappelijk werker van de afdeling Hematologie, maar dit kan ook via de behandelend arts of de verpleegkundige. Het aanbod is geldig voor zowel oncologische als niet-oncologische patiënten van de afdeling Hematologie.
De maatschappelijk werker voor de afdeling Hematologie is:
Marijke Zaal, bereikbaar via:
telefoonnummer: 050-3612538 (+ voicemail)
e-mailadres: m.c.t.j.zaal@onco.umcg.nl
Aanwezig op: maandag t/m donderdag
Het secretariaat van de sector Oncologie is bereikbaar via 050-3610850 en 050-3614935.
Zie ook Telefonisch contact opnemen.