Datum laatste herziening: 18-11-2010
De incidentie van IPS na myeloablatieve conditionering (met TBI 12 Gray) is ongeveer 10%. Na non-myeloablatieve conditionering (met TBI 2 Gray) ongeveer 2%. De kliniek van IPS is vergelijkbaar na myeloablatieve en non-myeloablatieve conditionering. Mediane start rond 20 dagen na transplantatie.
De overleving is ongeveer 25%. De mortaliteit na beademing is >95%.
IPS presenteert zich in verschillende histologische patronen:
Methylprednison 2 mg/kg/dag gedurende 1 week, daarna taper: -10% per week. Aangezien er vaak secundaire schimmel/gist infecties (ongeveer 25%) zijn, Voriconazol of Posaconazol aan de behandeling toevoegen.
VERWANTE PAGINA'S:
- Pulmonale problemen: inleiding
- Pulmonale afwijkingen
- Diffuse alveolaire bloedingen (DAH: Diffuse alveolar hemorrhage)
- Bronchiolitis obliterans organizing pneumonia (BOOP) (= COP = cryptogenic organizing pneumonia)
- Obstructieve longziekten na transplantatie / Bronchiolitis Obliterans (BO)
- Respiratoire virussen
© UMCG | Disclaimer